Binnenkort met pensioen

Vlak voordat u met pensioen gaat, hebt u de mogelijkheid om het pensioen dat u inmiddels hebt opgebouwd, aan te passen aan uw situatie en uw wensen van dat moment.

Partnerpensioen uitruilen voor hoger ouderdomspensioen

Misschien hebt u bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd geen behoefte aan partnerpensioen. Bijvoorbeeld omdat u geen partner hebt of omdat uw partner zelf een goed inkomen of pensioen heeft. U kunt dan het partnerpensioen uitruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Uw partner moet hier dan wel schriftelijk toestemming voor geven.

Ouderdomspensioen uitruilen voor hoger partnerpensioen

Het is ook mogelijk om een deel van het ouderdomspensioen uit te ruilen voor een hoger partnerpensioen. Hier is wel een grens aan. Het partnerpensioen kan (na uitruil) maximaal 70% zijn van het ouderdomspensioen.

Prepensioen uitruilen voor hoger ouderdomspensioen

De richtleeftijd om met prepensioen te gaan is 62 jaar (Pensioenregeling 2004) en 60 jaar (Pensioenregeling 2001 Melk & Zuivel). Neemt u deel aan één van deze regelingen, dan kunt u al vanaf 55 jaar met prepensioen gaan. Werkt u na uw 62ste of 60ste verjaardag door en maakt u geen of alleen gedeeltelijk gebruik van uw prepensioen? Dan kunt u het prepensioen dat u hebt opgebouwd, omzetten in een hoger ouderdomspensioen. Uw uitkering van het ouderdomspensioen start in ieder geval met 65 jaar. 

Ouderdomspensioen uitruilen voor hoger prepensioen

Hebt u recht op prepensioen en wilt u dat dit prepensioen hoger wordt? Dan kunt u een deel van uw ouderdomspensioen laten omzetten in een hoger prepensioen. De uitkering van het levenslange ouderdomspensioen wordt dan wel lager.

Uitruilen: éénmalige keuze

Hebt u eenmaal voor uitruil gekozen, dan kunt u dit later niet meer terugdraaien.

Meer informatie

Wilt u meer informatie over de gevolgen van de verschillende keuzemogelijkheden? Vraag dan een persoonlijke berekening aan bij het Klant Contact Center.

 
print print icon